Een offerte aan een hoofdaannemer wordt anders gelezen dan een offerte aan een particulier. Hij vergelijkt op eenheidsprijzen, op planning en op hoeveel gedoe jij gaat opleveren.
Eenheidsprijzen in plaats van klusprijzen
Geef prijs per punt, per meter, per toestel. Dan kan hij verrekenen als het werk groter of kleiner wordt, en dat is precies wat hij nodig heeft omdat zijn eigen opdrachtgever ook nog schuift.
Btw verlegd, duidelijk vermeld
Bij werk in onderaanneming is de btw meestal verlegd. Zet het erop, met het nummer van de opdrachtgever. Een offerte waarin dat ontbreekt, geeft hem administratief werk en dat onthoudt hij.
- Bezetting: hoeveel monteurs, hoeveel dagen.
- Wanneer je kunt starten en wat je nodig hebt om te kunnen beginnen.
- Wat je rekent bij wachttijd of een verplaatste planning.
- Wie levert het materiaal en waar staat het opgeslagen.
Leg de raakvlakken vast
Het meeste gedoe ontstaat op de grens met andere partijen: sparingen die niet geboord zijn, sleuven die dicht zijn gestuukt, een meterkast die nog niet vrij is. Benoem wat er klaar moet zijn voordat jij komt, dan heb je bij uitloop een gesprek met feiten.
Spreek af hoe meerwerk loopt
Bij aannemers gaat meerwerk via bonnen en soms via een portaal. Vraag ernaar en zet in je offerte dat je meerwerk vooraf meldt met prijs en pas uitvoert na schriftelijk akkoord. Mondelinge opdrachten op de bouw verdwijnen bij de eindafrekening.
Termijnen en betaling
Onderaannemers wachten vaak het langst op hun geld. Zet je betaaltermijn erop, vraag bij grotere klussen om termijnen gekoppeld aan mijlpalen en houd je eindtermijn klein. Een offerte waarin dat netjes staat, wordt zelden geweigerd, terwijl een factuurdiscussie achteraf je maanden kost.


