Creatief werk mislukt bijna nooit door gebrek aan talent en bijna altijd doordat opdrachtgever en maker iets anders voor zich zagen. Een korte samenvatting van de briefing in je offerte lost dat voor het grootste deel op.
Schrijf op wat je hebt gehoord
Vijf zinnen: wie is de klant, wat is het doel, voor wie is het bedoeld, wat moet het oproepen, wat moet er in elk geval niet gebeuren. Laat de klant dat bevestigen door de offerte te tekenen.
Benoem wat je niet weet
Als iets nog open staat, schrijf dat erbij. Bijvoorbeeld dat de merknaam nog niet definitief is of dat er nog geen beeldmateriaal is. Dan is dat later geen verrassing maar een punt dat al op tafel lag.
- Doel van de opdracht in één zin.
- Doelgroep, concreet en niet iedereen.
- Wat er al ligt aan merk, beeld en tekst.
- Wat er nog moet worden besloten en door wie.
Noem wie beslist
De meeste extra rondes komen doordat er halverwege iemand aanschuift die het nog niet had gezien. Vraag wie de beslisser is en zet dat in je offerte. Dan kun je later verwijzen naar de afspraak in plaats van naar je geduld.
Gebruik het als eerste toets
Als je de briefing niet in vijf zinnen kunt opschrijven, is hij niet duidelijk genoeg om te offreren. Dat is het moment om nog één keer te bellen, niet om een prijs te gokken.
Het werkt ook voor jezelf
Bij oplevering leg je je werk naast de briefing. Dat is een eerlijke maatstaf en het helpt bij de vraag of een wens revisie is of meerwerk.


